025=300416==16:20UTC==Positie:======================St.=Thomas=Airport==============

Onze laatste tocht van de ankerplaats naar de kade waar de Spuigracht afgemeerd lag voelde emotioneel een beetje als verliezen. Maar als zeezeiler en stadsboer kan je beter verstandelijke beslissingen nemen inplaats van emotionele. Het vaarseizoen om vanuit de Cariebe terug te komen naar Nederland valt samen met de Nederlandse zomer, dus zelf de Gabber naar Nederland varen zou een jaar niet tuinieren betekenen. Het transport uitstellen om zeker te zijn van nog een Caribisch vaarseizoen was verleidelijk. Maar toen we de sta-kosten in de Cariebe aftrokken van de transportkosten bleef er een aantrekkelijk geprijsde en snelle overtocht over die onze charter en tuindersplannen zou versnellen.
Toen de Gabber eenmaal goed vastgesjord aan dek stond en we ook nog 1 nachtje aan boord van de Spuigracht konden blijven slapen kwamen we helemaal tot rust. We genoten van een prima maaltijd en goede nachtrust in de pilots-cabin. In de witte toren op het achterdek zitten de verblijven van de bemanning. Op het laagste niveau zit het "poop-deck" met de combuis en het manschappen verblijf voor eten, TV kijken, etc.. Iedere verdieping hoger betekent ook een stijging in rang, "crew-deck" (voor de matrozen), "eng-deck" (voor de engineers), "off-deck" (officieren), "capt-deck" (kapitein, pilot, scheepskantoor) en helemaal bovenin zit dan de stuurkamer.


Voor de bemanning van de Spuigracht is het een routine klus om lading aan boord te brengen. Grote rollen krantenpapier vanuit Zweden naar Amerika, windmolen wieken, containers, losgestort bulk materialen of een serie zeiljachten. De boot is gespecialiceerd in droog transport maar door zijn bijzondere indeling, de aanwezigheid van liften en hijskranen ook veelzijdig inzetbaar voor alles wat vervoerd moet worden.
Lading is lading, goed verdeeld kwa gewicht over het dek, stevig gesjord in verband met mogelijk slecht weer en een beetje slim gestapeld met het oog op de volgorde van lossen. De eigenaars van de lading zijn zelden aanwezig en hebben nimmer zo'n band met de lading als de eigenaren van plezierjachten.
Natuurlijk waren ook wij bezorgd hoe de Gabber getakeld, gestut en gesjord zou worden. En zo routine matig als de klus voor de mannen van Spliethoff (rederij van de Spuigracht) zo bijzonder en eenmalig was het voor ons. Normaal doet de "loadmaster" ook de communicatie met de klant. Maar met meer dan 30 jachten als lading en dus ook 30 "kapiteins" die hun "bijzondere" lading in vertrouwde handen willen overdragen, het liefst met nog wat toelichting en hun verhaal zou de "loadmaster" niet meer aan zijn specifieke werk toekomen. Robert was daarom onze contact persoon in de haven en aan boord voor vragen en een praatje zodat de rest van de bemanning zijn werk kon doen.

Op de dag dat de Spuigracht zou afmeren troffen wij Robert en de "loadmasters" bij Crown bay marina. We kregen te horen dat we voor vrijdag om 14:20 op het laadschema stonden. Dat kwam goed uit, onze vlucht naar Nederland hadden we voor de 30-ste geboekt. Voor tijdens het anker opgaan in de baai bij Charlotte Amalie hadden we gevraagd of onze buurvrouw op haar boot wou blijven. We ankerden met oosten wind ruim naast haar, maar nu met de meer zuidelijke wind lag ze precies boven ons anker. Alles ging goed, ze kon simpel wat van haar 45 meter uitgegeven ankerketting naar binnen lieren (electrisch).
Na een half uurtje varen lagen we naast de Spuigracht en keurig op tijd konden we langszij komen, onze stootwillen hadden we al overboord hangen. Vanaf de Spuigracht werden lange banden naar beneden gegooid en via de touwladder kwam de loadmaster en twee extra man naar beneden. De achterstag hadden we al los en ook de wieken van de windmolen waren gedemonteerd. De hijskraan liet een stevige balk met daaraan de takelslings zakken. In het water was een duiker aanwezig die controleerde of de hijsbanden op de goede plaats kwamen en geen problemen met de schroef of het roer hadden. Daarna ging het langzaam omhoog, eerst tot net boven het water en daarna door tot de zeereling van de Spuigracht zodat wij van boord konden. Vanuit het gangboord van de Spuigracht hadden we goed zicht op het verdere hijsen van de Gabber terwijl we een praatje maakten met Robert.
De Gabber werd met de kiel op houten blokken gezet, kreeg meerdere staanders en werd met 8 banden gesjord. Terwijl de staanders aan het dek worden vastgelast kunnen wij nog even aan boord voor de laatste klusjes. De achterstag zetten we vast, pakken onze bagage en het laatste afval. Daarna gaat het luik opslot en geven de sleutel af aan Robert. Voor douane controle moet de Gabber open kunnen, de kapitein houdt alles onder beheer. Omstreeks 12 mei zien we de Spuigracht en de Gabber weer in Southampton.



.